22 april 2026
Lieven Acke, bedrijfsrevisor
Blijkens een niet wetenschappelijke en nog minder onderbouwde steekproef zouden de assurance-opdrachten die kwalificeren als beoordelingen aan populariteit winnen.
Een beoordeling kan voor entiteiten die niet onderworpen zijn aan een commissaris-controle een valabel niveau van nazicht van de financiële informatie zijn: een zekere mate van comfort over de financiële overzichten wordt gewenst zonder dat dit de vorm (met bijhorende inspanningen en kosten) van een volkomen controle moet aannemen.
In dat geval is er sprake van een contractuele opdracht.
De bedrijfsrevisor kan dan kiezen tussen twee referentiekaders , namelijk ISRE 2400 en de zogenaamde Gemeenschappelijke Controlenorm (hierna GCN).
De twee referentiekaders zijn verschillend van aard en toepassingsgebied. ISRE 2400 is het toepasselijke internationale raamwerk voor beoordelingsopdrachten, terwijl de GCN enkel van toepassing is in België op kleine entiteiten.
De GCN bouwt inhoudelijk voort op ISRE 2400 en herneemt een aantal vereisten daarvan, vaak tekstueel, zonder daar bijkomende procedures of vereisten aan toe te voegen. De toepassing van ISRE 2400 impliceert daarom de facto de naleving van de gemeenschappelijke controlenorm, terwijl het omgekeerde niet het geval is.
Hoewel ISRE 2400 een principles‑based norm is en de GCN meer expliciet procedureel (“rules-based”) is geformuleerd, houdt dit geen uitbreiding of verzwaring van de professionele vereisten in, maar betreft het een andere wijze van structurering en presentatie.
Een beoordeling volgens ISRE 2400 en een beoordeling volgens de GCN hebben dezelfde doelstelling en hetzelfde zekerheidsniveau, maar zijn normatief niet identiek. Het verschil zit niet in wat een beoordeling is, maar in het normatieve kader waarbinnen zij wordt uitgevoerd en verantwoord.
Maar zal de concrete uitvoering van een beoordelingsopdracht dan fundamenteel verschillend zijn naargelang zij wordt uitgevoerd onder ISRE 2400 dan wel onder de GCN? Hierop moet ons inziens negatief geantwoord worden. Beide referentiekaders hebben immers eenzelfde doel, in functie van eenzelfde zekerheidsniveau, hetgeen impliceert dat de feitelijke handelingen die de beroepsbeoefenaar stelt, in essentie dezelfde zullen zijn.
Voor beoordelingsopdrachten bestaat waardevolle guidance onder de vorm van de IFAC GUIDE TO REVIEW ENGAGEMENTS. Het document dateert van 2013 maar is nog steeds actueel te noemen.
Ofschoon de Guide werd uitgewerkt uitgaande van ISRE 2400, kan op basis van voorgaande, toepassing in het kader van een beoordelingsopdracht onder GCN eveneens warm aanbevolen worden.
Uitvoering van een beoordeling in een dossier waar men niet de commissarisfunctie waarneemt, mag niet onderschat worden.
De Guide speelt goed in op de complexiteit van de uitvoering van een beoordeling indien men niet kan terugvallen op de kennis van en ervaring met de gecontroleerde entiteit die als commissaris wordt opgebouwd en biedt een goede houvast om een weloverwogen en goed onderbouwde beoordeling uit te voeren.