22 maart 2022

Bénédicte Vessié (BV) - voorzitter CTR

"Het College zet in 2022 op actieve wijze zijn controleprogramma voort dat gericht is op het bevorderen van de auditkwaliteit als katalysator voor het publiek vertrouwen in het bedrijfsrevisoraat."

 

Tom Meuleman (TM) - voorzitter IBR:

Mevrouw de Voorzitter, wij zijn vereerd u te ontmoeten in uw hoedanigheid van voorzitter van het College van toezicht op de bedrijfsrevisoren om het actieplan van het College voor het jaar 2022 te bespreken. Hoe zou u uw ambitie voor dit jaar samenvatten?

 

BV:

Mijnheer de Voorzitter, ik dank u voor uw uitnodiging en het doet mij plezier de ambitie van het College voor het jaar 2022 met u en uw leden te delen.

In twee woorden: kwaliteit en vertrouwen.

In één zin: Het College zet in 2022 op actieve wijze zijn controleprogramma voort dat gericht is op het bevorderen van de auditkwaliteit als katalysator voor het publiek vertrouwen in het bedrijfsrevisoraat.

Ik licht dit nader toe. Het is overduidelijk dat het beroep van de bedrijfsrevisor een eerbaar, belangrijk en ambitieus beroep is.

Eerbaar omwille van het publieke vertrouwen dat het opwekt.

Belangrijk door zijn invloed op het economische leven.

Ambitieus door de dagelijkse strijd om het complexe en steeds veranderende regelgevend kader onder de knie te krijgen, de nieuwe technologische ontwikkelingen bij te benen en de groeiende noodzaak om de belangen van de economische actoren te combineren met de dwingende en compromisloze noodzaak om vertrouwen te creëren in de cijfers van deze economische actoren.

Zijn bestaansreden is om vertrouwen te creëren bij derden in de informatie die ondernemingen en andere actoren verschaffen. Vertrouwen is een essentiële vereiste van de burgers ten aanzien van alle openbare en particuliere instellingen en een voorwaarde voor een succesvol en voorspoedig economisch leven en zakenleven. Gelijke en correcte informatie voor de betrokken marktdeelnemers is daarbij ook een cruciale voorwaarde voor eerlijke en transparante financiële markten.

Dit geldt des te meer tegen de achtergrond van de huidige onzekerheden gelinkt aan het coronavirus, de technologische ontwikkelingen en het economische en politieke klimaat. Meer dan ooit ligt de nadruk op de essentiële rol van bedrijfsrevisoren als katalysator van dit vertrouwen.

De rol van het College als toezichthouder op de auditkwaliteit bestaat er derhalve in zich onvermoeibaar in te zetten in het belang van allen, met inbegrip van de gecontroleerde sector zelf.


 

TM:

Voor het eerst geeft het College in zijn actieplan ook aan welke trends en risico’s, die door de bedrijfsrevisorenkantoren te beheersen zijn en waarop het College zal toezien. Wat zijn uw conclusies?

 

BV:

Het College hecht groot belang aan een duidelijk inzicht in de omgeving waarin bedrijfsrevisorenkantoren opereren en bijgevolg in de te beheersen risico's.

De pandemie leidde de afgelopen twee jaar tot een verhoogde aandacht voor het belang van de auditcontroles die de bedrijfsrevisor uitvoert en de kwaliteit van zijn verslaggeving.

Veel bedrijven ervaren door de coronamaatregelen, zowel de contactbeperkende als de financiële steunmaatregelen, immers sterke schommelingen in hun personeelsbezettingsgraad en hun omzet, alsook toeleveringsproblemen. Hiermee samenhangende prijsstijgingen en het succes van nieuwe marktspelers beïnvloeden hun winstmarge en zelfs hun businessmodel.

De economische impact van de pandemie, met variabele intensiteit in de verschillende sectoren, schept onzekerheid over de financiële cijfers van economische actoren, over de inbaarheid van hun vorderingen en over de waardering van hun activa, zowel materiële als immateriële activa. Hetzelfde is waar voor de geopolitieke weerslag.

Deze situatie, in combinatie met meer controles op afstand door de bedrijfsrevisor, zorgt ook voor verhoogde risico’s. Risico’s die te beheersen zijn.

De coronacrisis vormt ook voor de bedrijfsrevisoren zelf een operationeel risico, zeker bij kleinere bedrijfsrevisorenkantoren. Zij moeten erover waken om voldoende tijd en middelen aan de controles te besteden. Digitalisering verandert de aard van de gecontroleerde onderneming en vereist een aanpassing van het controleproces.

Technologie en data-analyse kunnen de kwaliteit van de controle verhogen, maar doen ook vragen rijzen met betrekking tot de betrouwbaarheid van deze technieken, de beheersing van de IT-omgeving en de gevoeligheid voor cybercriminaliteit.

Cyberveiligheid is een universeel operationeel risico waartegen alle bedrijfsrevisorenkantoren zich voortdurend moeten wapenen. Het bewaken van dataveiligheid en het correct bewaren van de controledossiers middels een passende kantoororganisatie moeten daarom een primaire zorg van elke bedrijfsrevisor zijn. In dit verband zal het College verhoogde aandacht besteden aan het tijdig definitief samenstellen van het controledossier en de eerbiediging door de bedrijfsrevisoren van de integriteit van de gegevens in hun controledossiers.

Nieuwe trends in de waardecreatie van de economische actoren verklaren een toenemend belang aan de beschikbaarheid van niet-financiële informatie en verhogen de relevantie van nieuwe risico’s, zoals duurzaamheid en cyberincidenten. Deze trends liggen zelf ook aan de bron van delicate waarderingen van immateriële vaste activa gelinkt aan intellectuele eigendomsrechten, knowhow in supply chain en digitale bedrijfsvoering.

Op Europees niveau zijn nieuwe regels en standaarden van kracht of in ontwikkeling om de verslaggeving hierover te standaardiseren en zo beter exploiteerbaar te maken voor de eindgebruiker. Dit maakt digitale verslaggeving mogelijk (XBRL).

Het belang van niet-financiële verslaggeving neemt onmiskenbaar toe. Het actueel reglementair kader is hoofdzakelijk gericht op de betrouwbaarheid van financiële verslaggeving. Niet-financiële prestaties krijgen steeds meer aandacht.

Ook werknemers hebben grotere aandacht voor de wijze waarop hun onderneming evolueert en verwachten van de bedrijfsrevisor gepaste toelichting en acties, bijvoorbeeld op de ondernemingsraad.

Deze verschuivingen vinden bovendien plaats tegen de achtergrond van de bestaande uitdagingen, zoals het verhogen van de auditkwaliteit, meer aandacht voor fraude- en continuïteitsrisico’s, maar ook het vinden en het behouden van geschikt personeel.

 

TM:

Ziet u opportuniteiten voor de sector?

 

BV:

Het thema duurzaamheid wordt gradueel een vast onderdeel van elke business; voor beleggers vormen duurzaamheidsaspecten een steeds meer belangrijke factor ter bepaling van de waarde op lange termijn van een onderneming.

De verbreding van de verslaggeving en de technologische veranderingen in de wijze van verslaggeving hebben ook hun weerslag op de wettelijke controle. Het doel en de doelgroep van een audit worden breder en de bedrijfsrevisor zal mogelijks meer werk moeten verrichten op het gebied van niet-financiële informatie en IT-beheersing. In het kader van CSRD zullen bedrijfsrevisorenkantoren in de toekomst mogelijks ook de kans krijgen om assurance te geven over duurzaamheidsrapportering op basis van nog te ontwikkelen standaarden. Dit biedt opportuniteiten, maar ook uitdagingen voor het beroep. De verbreding van de scope van de verslaggeving leidt ook tot nieuwe vraagstukken over de kwaliteit, de vergelijkbaarheid en de samenhang van informatie. Een spannend nieuw domein.

 

TM:

Welke thema’s op het niveau van kwaliteitscontroles kunnen de bedrijfsrevisorenkantoren verwachten voor 2022?

 

BV:

Het College heeft gekozen voor een proactief actieplan in 2022, dat ten dele een voortzetting is van het werk dat het tijdens de voorgaande jaren verrichtte in de uitoefening van zijn toezichtsopdracht. Tegelijkertijd heeft het College in 2022 thema's gekozen die centraal staan in de maatschappelijke ontwikkelingen en de risico's en moeilijkheden waarmee het beroep te maken krijgt, met bijzondere aandacht voor integriteit.

Voor de bedrijfsrevisoren die organisaties van openbaar belang controleren (OOB-bedrijfsrevisoren)wenst het College voor de kwaliteitscontroles in 2022 de volgende thema’s te weerhouden:

  • de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling (EQCR);
  • de aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en specifieke opdrachten;
  • de strijd tegen het witwassen van geld en het financieren van terrorisme.

Het thema EQCR blijft zeer waardevol, aangezien het hier een aspect van de kwaliteitscontrole van het bedrijfsrevisorenkantoor betreft met impact op cruciale aspecten van de auditwerkzaamheden en dit in beginsel bij de meest risicovolle dossiers. Voor dit thema wordt een representatieve steekproef aan commissarismandaten gecontroleerd op sleutelelementen zoals:

  • de planning van de audit;
  • de risico-inschatting en bepaling van de auditrespons;
  • de consolidatie;
  • de materialiteitsdrempel;
  • de uitvoering van de auditwerkzaamheden voor bepaalde geïdentificeerde risico’s, inzonderheid met betrekking tot continuïteit en boekhoudkundige waarderingen;
  • de informatie die wordt gecommuniceerd met het management en de met governance belaste personen ; en
  • de archivering en supervisie (nazicht van het dossier).

Voor de niet-OOB-bedrijfsrevisoren weerhoudt het College in 2022 binnen de kwaliteitscontroles betreffende de kantoororganisatie in hoofdzaak de volgende thema’s:

  • de monitoring;
  • de archivering; en
  • de strijd tegen het witwassen van geld en het financieren van terrorisme.

Het thema monitoring als vitaal concept voor de kwaliteitsbeheersing blijft waardevol, zowel wat betreft de opzet van de kantoorprocedures, als de toepassing ervan. Het laat ook toe de controle van het College uit te breiden met de toepassing van het wettelijk en normatief kader in de controledossiers.

Het College hecht groot belang aan het uitvoeren van zijn kwaliteitscontroles op proportionele wijze, rekening houdend met de omvang van het bedrijfsrevisorenkantoor en de aard van de geleverde diensten.

 

TM:

Hoe zal bij de kwaliteitscontroles rekening worden gehouden met de situatie als gevolg van de pandemie?

 

BV:

Bij het selecteren van wettelijke controleopdrachten voor het nazicht van het monitoring- en EQCR-proces, zal het College voor OOB- en niet-OOB-bedrijfsrevisorenkantoren in het jaar 2022 bijzondere aandacht hebben voor de impact van de coronapandemie aan de hand van de volgende thema’s:

  • continuïteit en faillissement;
  • boekhoudkundige waarderingen;
  • sectoren en auditcliënten geïmpacteerd door de coronapandemie (productiebedrijven met supply chain problemen, oninbare vorderingen, daling van klanten, enz.);
  • werkzaamheden voor de ondernemingsraad: het College wil tijdens de kwaliteitscontroles nagaan of de bedrijfsrevisor aanwezig was op de ondernemingsraad als dat vereist is en of hij de wettelijk vereiste informatie meedeelde.

 

TM:

Het ICCI heeft vorig jaar een groot aantal vormingen georganiseerd over de preventie van het witwassen van geld en het financieren van terrorisme. Het zal dat waarschijnlijk ook in 2022 doen. Denkt u dat deze vormingen nuttig zijn?

 

BV:

Ik moedig alle bedrijfsrevisoren sterk aan deze vormingen te volgen. Ze zijn belangrijk en noodzakelijk, vooral omdat onze controles een zeer groot aantal tekortkomingen op dit gebied aan het licht brengen.

Een blijvende zorg van het College is de betrokkenheid van bedrijfsrevisorenkantoren bij integriteitsincidenten bij hun cliënten. Het risico op het witwassen van geld, het financieren van malafide organisaties of andere vormen van al dan niet georganiseerde witteboordencriminaliteit is steeds present. Dit integriteitsrisico is aanwezig bij elke globalisering. Bijgevolg hebben meer internationale activiteiten, al dan niet uitgevoerd met buitenlandse bedrijven of bedrijven met beperkte economische activiteit of actief in meer risicovolle sectoren, dit risico wellicht verhoogd.

In 2022 blijven thematische controles over de preventie van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme belangrijk. Bij deze controles wordt rekening gehouden met het risicoprofiel van de bedrijfsrevisor.

Net als in 2021 zal het thema over de aanvaarding en de voortzetting van de cliëntrelatie, dat ook een actueel thema is voor de kwaliteitscontroles, leiden tot de verificatie van enkele essentiële verplichtingen in hoofde van de bedrijfsrevisoren. Deze omvatten onder meer het beschikken over een algemene risicobeoordeling en een individuele risicobeoordeling voor elke cliënt, alsook de naleving van waakzaamheidsverplichtingen en de identificatie van politiek prominente personen. Deze kwesties worden behandeld binnen de kwaliteitscontroles bij zowel OOB- als niet-OOB-bedrijfsrevisoren.

Zowel de organisatie van het bedrijfsrevisorenkantoor als de toepassing van de interne procedures zullen door het College worden onderzocht aan de hand van een selectie van controledossiers.

Deze aanpak zal worden gecombineerd met een thematische controle op de sector van de vrijetijdsbesteding en enkele subsegmenten hierin die meer blootgesteld zijn aan witwasrisico’s.

Ten slotte zal het College steekproefsgewijze controles uitvoeren met aandacht voor het daadwerkelijk toepassen van de interne kantoorprocedures in controledossiers, alsook voor Belgische bedrijfsrevisoren die niet enkel in België, maar ook in het buitenland revisorale activiteiten ontplooien.

 

TM:

Welk belang hecht het College aan de gegevens in het openbaar register dat door het IBR wordt gehouden?

 

BV:

Net zoals in 2021 zijn de kwaliteit van de gegevens die het College gebruikt voor de uitvoering van zijn opdracht en de beschikbaarheid van volledige, nauwkeurige en actuele informatie van essentieel belang voor het vervullen van de missie en de acties van het College.

Daarom eist het College kwaliteitsvolle informatie voor de gegevens die worden verstrekt in het kader van de Auditors Annual Cartography, alsook voor de antwoorden op de door het College opgestelde vragenlijsten of voor alle andere informatie die in andere omstandigheden aan het College wordt verstrekt. Dit omvat ook de gegevens uit het openbaar register, die niet alleen door het College en het IBR, maar ook door het publiek, worden gebruikt.

Net als in 2021 zal het College in 2022 specifieke maatregelen nemen om de kwaliteit van de in het register gepubliceerde gegevens verder te verbeteren. Het zal dit nazicht uitvoeren in samenwerking met het IBR, waaraan de wetgever het houden en het bijwerken van het openbaar register heeft gedelegeerd.

 

TM:

Wat verwacht u van de nationale en internationale samenwerking van het College?

 

BV:

Voor het College is het van belang om zijn dialoog met de Hoge Raad voor de Economische Beroepen en het IBR voort te zetten en aandacht te hebben voor onderwerpen betreffende de kansen en uitdagingen van het beroep.

Vele internationale ontwerpnormen zijn in volle ontwikkeling en uiteraard zullen wij de norm ISQM, die wordt verwacht tegen jaareinde, aandachtig bestuderen.

Als lid van het CEAOB zal het College zich onder meer buigen over de Europese ambities op het gebied van corporate reporting, dat een auditluik omvat, teneinde lessen te trekken uit de Wirecard-zaak in Duitsland.

 Het College kan ook ingaan op vragen tot bilaterale internationale samenwerking, zoals het geval is voor de verderzetting van de gezamenlijke inspecties met zijn Amerikaanse homoloog, de PCAOB. Voor 2022 zijn verscheidene gezamenlijke inspecties met de PCAOB gepland.

 

TM:

Namens het IBR wil ik u bedanken voor dit gesprek.

 

BV:

Het was me een genoegen. Ik wens alle bedrijfsrevisoren een gelukkig en succesvol 2022!

 

Gerelateerd

Overzicht van maatregelen die het CTR kan nemen

Olivier de Bonhome, bedrijfsrevisor

De AML-vragenlijst van het CTR

Opinie van de werkgroep anti-witwassen van het IBR

Boekhoudkundige en fiscale aspecten van de administratieve boetes van het College (CTR)

Fernand Maillard, ere-ondervoorzitter van het IBR, bedrijfsrevisor