12 augustus 2026
Clément De Bruyn, junior advisor reglementering IBR
Tijdens het Dîner des Belges in juni 2026, georganiseerd door het Instituut van de Bedrijfsrevisoren (IBR) en het Instituut voor de Belastingadviseurs en de Accountants (ITAA), mocht België twee prominente vertegenwoordigers van het wereldwijde accountantsberoep verwelkomen: Lee White en Jean Bouquot, respectievelijk CEO en voorzitter van IFAC (International Federation of Accountants).
Naar aanleiding van hun bezoek aan Brussel sprak het IBR met hen over de toekomst van het auditberoep. Van artificiële intelligentie en duurzaamheidsassurance tot talentontwikkeling, regelgevende evoluties en de opkomst van private-equity-investeringen in auditkantoren: het gesprek bood een brede blik op de uitdagingen en kansen die het beroep de komende jaren zullen vormgeven.
Hun boodschap is duidelijk: technologie en regelgeving veranderen het beroep ingrijpend, maar de blijvende meerwaarde van de auditor ligt in het behoud van vertrouwen, het uitoefenen van professionele oordeelsvorming en het dienen van het algemeen belang.
Gevraagd naar de belangrijkste uitdaging voor het auditberoep in de komende tien jaar, wijst Jean Bouquot op de noodzaak om een periode van ingrijpende verandering succesvol te doorlopen zonder de fundamentele waarden van het beroep uit het oog te verliezen.
“We worden geconfronteerd met belangrijke vragen over hoe we ons aanpassen, innoveren en leiderschap tonen in een steeds complexere omgeving. Hoe handelen we met de nodige urgentie zonder aan een kwalitatief oordeel in te boeten? Hoe innoveren we zonder onze verankering in integriteit en verantwoordelijkheid te verliezen?”
Volgens Bouquot krijgt het beroep te maken met een samenloop van krachtige ontwikkelingen: geopolitieke instabiliteit, een afnemend vertrouwen in instellingen, duurzaamheidsuitdagingen, technologische disruptie en in verschillende landen een toenemend tekort aan talent. Tegelijkertijd zorgen een strengere regelgeving en publieke percepties van het beroep voor bijkomende druk.
In die context wordt de rol van IFAC als wereldwijde stem van het accountantsberoep steeds belangrijker. IFAC vertegenwoordigt 188 beroepsorganisaties uit 143 rechtsgebieden en heeft als missie het beroep wereldwijd te verbinden, hoogwaardige internationale standaarden te bevorderen en het beroep voor te bereiden op de uitdagingen van morgen via onderwijs en innovatie.
Voor Lee White biedt de opkomst van artificiële intelligentie een van de grootste kansen om de auditkwaliteit te versterken en het vertrouwen verder te vergroten.
AI stelt auditors in staat volledige datasets te analyseren, risico’s beter te identificeren en verder te gaan dan traditionele steekproeven door diepgaandere en meer continue inzichten te verkrijgen. White benadrukt echter dat technologie de fundamentele verantwoordelijkheid van de auditor niet wegneemt.
“AI kan een bijzonder krachtig hulpmiddel zijn voor de auditor, maar het is geen vervanging voor professionele oordeelsvorming, onafhankelijkheid of ethische verantwoordelijkheid.”
Transparantie en uitlegbaarheid zijn daarom essentieel. Auditors moeten de AI-tools die ze gebruiken begrijpen, inclusief de onderliggende data, aannames en beperkingen. Een duidelijke governance, degelijke documentatie en menselijke controle blijven onmisbaar.
Volgens White vermindert AI het belang van een professioneel-kritische ingesteldheid niet, integendeel.
“De auditor moet zich blijven afvragen: welke data zijn gebruikt? Welke aannames liggen aan het model ten grondslag? Wat ontbreekt er mogelijk?”
Hoewel AI patronen, anomalieën en risico’s kan blootleggen die anders verborgen zouden blijven, blijven het beoordelen van intenties, het vormen van oordelen en het toepassen van ethisch redeneren bij uitstek menselijke verantwoordelijkheden.
De toenemende impact van AI en digitale technologieën vereist ook een grondige herziening van de opleiding en permanente vorming van auditors.
Volgens White zullen toekomstige auditors sterker onderlegd moeten zijn in domeinen zoals data-analyse, cyberbeveiliging, privacy, governance en het ethisch gebruik van technologie. Tegelijk moet het beroep blijven investeren in typisch menselijke vaardigheden zoals kritisch denken, communicatie, samenwerking, creativiteit en nieuwsgierigheid.
Universiteiten, beroepsorganisaties en de praktijk moeten volgens hem nauwer samenwerken om ervoor te zorgen dat toekomstige professionals beschikken over de juiste vaardigheden voor een snel veranderende arbeidsmarkt. Levenslang leren wordt daarbij belangrijker dan ooit, met mogelijkheden voor ervaren professionals om zich voortdurend bij te scholen en nieuwe competenties te verwerven.
Een ander belangrijk gespreksonderwerp was de toekomst van duurzaamheidsassurance. Met de invoering van ISSA 5000 en de recente bijsturingen van het Europese kader voor duurzaamheidsrapportering rijst de vraag hoe vertrouwen kan worden behouden in een veranderende regelgevende omgeving.
Voor Jean Bouquot is het antwoord eenvoudig:
“Assurance van duurzaamheidsinformatie moet vertrouwen creëren. Als dat niet gebeurt, vervult ze haar opdracht niet.”
Hij ziet ISSA 5000 als een unieke kans om een echte mondiale basislijn voor assurance van duurzaamheidsinformatie tot stand te brengen. Het succes ervan hangt echter af van een consistente toepassing, afgestemde regelgeving en een gelijk speelveld voor alle assuranceverleners.
Bouquot waarschuwt dat vereenvoudigingsinitiatieven nooit ten koste mogen gaan van de kwaliteit. Het verzwakken van waarborgen of het creëren van verschillende toezichtssystemen voor verschillende aanbieders kan het vertrouwen in assurance van duurzaamheidsinformatie ondermijnen.
Voor de toekomst ziet hij drie bepalende succesfactoren: mondiale afstemming, voldoende capaciteit binnen het beroep en vertrouwen.
“Wanneer duurzaamheidsrapportering dezelfde geloofwaardigheid geniet als financiële rapportering, zullen we weten dat we geslaagd zijn.”
De groeiende belangstelling van private-equity-investeerders voor accountants- en auditkantoren zorgt wereldwijd voor discussie binnen het beroep.
Volgens Lee White gaat het om een internationale trend die nauwlettend opgevolgd moet worden. Daarom richtte IFAC in 2025 een specifieke Private Equity Task Force op om de ontwikkelingen te analyseren en hun impact te beoordelen.
White benadrukt dat nieuwe eigendomsstructuren niets veranderen aan de fundamentele verantwoordelijkheden van auditors inzake auditkwaliteit en onafhankelijkheid. Tegelijk moeten de gevolgen voor governance, cultuur en toezicht zorgvuldig worden geëvalueerd.
Hoewel private-equity-investeringen in sommige gevallen hebben geleid tot een meer gestructureerde bedrijfsvoering en een grotere operationele discipline, mogen auditkantoren niet uitsluitend vanuit een commercieel perspectief worden beoordeeld.
“Governance moet de professionele oordeelsvorming en de professioneel-kritische ingesteldheid versterken, niet afzwakken.”
Hij pleit daarom voor een evenwichtig, op feiten gebaseerd debat dat zowel de kansen als de risico’s erkent en waarbij het algemeen belang centraal blijft staan.
Vooruitkijkend is Jean Bouquot ervan overtuigd dat toekomstige auditors sterke technische expertise zullen moeten combineren met technologische geletterdheid en uitstekende samenwerkingsvaardigheden.
Maar uiteindelijk ligt de kern van hun toekomstige relevantie elders.
“De opdracht van de auditor is uitgegroeid tot het versterken van vertrouwen in informatie, beslissingen, instellingen en markten.”
In een wereld die wordt gekenmerkt door economische onzekerheid, snelle technologische veranderingen en een groeiende vraag naar transparantie en verantwoording, worden auditors steeds vaker gezien als hoeders van vertrouwen.
Technologie zal de manier waarop audits worden uitgevoerd blijven veranderen. Duurzaamheid zal bedrijfsbeslissingen steeds sterker beïnvloeden. Nieuwe rapporteringsvereisten zullen blijven ontstaan. Doorheen al die veranderingen ziet Bouquot echter één constante.
“Onze professionele oordeelsvorming en onze ethiek, die het vertrouwen van de samenleving verdienen, zullen altijd de kern vormen van de relevantie en impact van het auditberoep.”
Tijdens het gesprek keerden Lee White en Jean Bouquot telkens terug naar dezelfde centrale boodschap: de toekomst van audit zal niet uitsluitend worden bepaald door technologie, regelgeving of nieuwe bedrijfsmodellen. Ze zal vooral afhangen van het vermogen van het beroep om zich aan te passen zonder afstand te doen van de fundamenten waarop zijn maatschappelijke meerwaarde is gebouwd: onafhankelijkheid, professionele oordeelsvorming, integriteit en vertrouwen.
Nu het beroep een periode van ongeziene transformatie ingaat, lijken deze waarden belangrijker dan ooit tevoren.