15 maart 2019

Aan  de  Juridische  Commissie  werd  gevraagd  of in  een  commissarismandaat  het  verlies  van  de  helft  van  het  maatschappelijk  vermogen,  waardoor  de  procedure  van artikel 633 van het Wetboek van vennootschappen (W.Venn.) van toepassing voor NV’s ook de toepassing van artikel 138 W. Venn.) verplicht maakt. Daarnaast bepaalt artikel XX.45, § 2 van het Wetboek economisch recht (WER) dat de daling van het netto actief tot minder dan de helft van het kapitaal een vermoeden van bedreiging van de continuïteit van de onderneming invoert.

In  het  bijzonder  werd  gevraagd  of  de  procedure  vervat  in  artikel  138  W.  Venn. tevens  moet  worden  toegepast  indien  door  het  verlies  van  de  helft  van  het  kapitaal de continuïteit niet is bedreigd, bijvoorbeeld in vennootschappen die een uitzonderlijk  verlies  verbonden  met  een  bijzondere  gebeurtenis  registreren,  terwijl hun hoofdactiviteit onmiskenbare recurrente winsten oplevert.

Gerelateerd

Impact van DAC6 op de bedrijfsrevisor en de commissaris

Steven De Blauwe, adviseur juridische zaken IBR

Mededeling 2021/16: Vragen van bewijs dat BV in staat zal zijn om haar schulden te voldoen gedurende minstens 12 maanden

Advies 2021/14: Te nemen maatregelen ingeval een bedrijfsrevisor als commissaris werd benoemd zonder daarvan op de hoogte te zijn gebracht – vervanging van advies 2011/09