31 juli 2026
Harry Everaerts, Ere-bedrijfsrevisor
1.1. EU – EFRAG lanceert publieke consultatie over ESRS-40a voor bepaalde niet-EU-ondernemingen
De Europese Adviesgroep voor Financiële Verslaggeving (EFRAG) heeft op 23 juli 2026 de publieke consultatie geopend over de Exposure Draft van de Europese duurzaamheidsrapporteringsstandaarden voor bepaalde niet-EU-ondernemingen overeenkomstig artikel 40a van de Jaarrekeningrichtlijn (ESRS-40a ED voorheen N-ESRS gerefereerd). De consultatie loopt tot en met 31 oktober 2026. De ontwerpstandaard is bedoeld als technisch advies aan de Europese Commissie en heeft betrekking op derde land-ondernemingen met aanzienlijke activiteiten in de Europese Unie. Volgens EFRAG zullen de eerste duurzaamheidsverslagen op basis van de toekomstige ESRS-40a betrekking hebben op boekjaar 2028 en in 2029 worden gepubliceerd.
De ontwerpstandaard is relevant voor derde land-ondernemingen die niet genoteerd zijn op een gereglementeerde markt in de EU, die in elk van de twee laatste opeenvolgende boekjaren een netto omzet in de EU realiseren van meer dan € 450 miljoen en die daarnaast ofwel een EU-bijkantoor of een EU-dochtervennootschap hebben met een netto-omzet van meer dan € 200 miljoen in het voorgaande boekjaar.
Voor ondernemingen is dit belangrijk omdat ook groepen buiten de EU met een belangrijke EU-aanwezigheid zich tijdig dienen voor te bereiden op een afzonderlijke duurzaamheidsrapportering. Juridisch rust de publicatieverplichting trouwens op de EU-dochter of het EU-bijkantoor dat aan de drempel voldoet, maar inhoudelijk gaat het rapport over de uiteindelijke ultieme “derde-land” moedervennootschap. Voor EU-dochterondernemingen en bijkantoren kan dit leiden tot bijkomende groepsvragen, datacollectie en afstemming met bestaande rapportering onder de IFRS duurzaamheidsrapporteringsstandaarden (de IFRS S1 en S2), GRI of lokale kaders (inclusief ESRS). Voor bedrijfsrevisoren is dit relevant omdat de consultatie belangrijke vragen oproept over de rapporteringsgrens (de zogenaamde “mixed approach”), de band met de EU-activiteiten (en welke dochter zal rapporteren), het assurance-aspect, het feit dat ESRS-40a “impact-only” is, dat wil zeggen het startpunt is de impact op mensen en milieu (financiële risico’s en opportuniteiten zijn dus geen afzonderlijke materialiteitsbasis zoals onder de volledige ESRS), de consistentie met reeds gepubliceerde duurzaamheidsinformatie en de bewijsstukken die nodig zullen zijn om de informatie van niet-EU-groepen te onderbouwen.
1.2. EU – EFRAG publiceert interactieve set van documenten voor de herziene ESRS en de vrijwillige rapporteringsstandaard
EFRAG heeft op 28 juli 2026 in de ESRS Knowledge Hub, een interactieve set van documenten gepubliceerd met de herziene Europese Duurzaamheidsrapporteringsstandaarden (ESRS) 2026 (ook gekend onder de naam vereenvoudigde ESRS of simplified ESRS) en de vrijwillige rapporteringsstandaard (VS), zoals door de Europese Commissie aangenomen op 3 juli 2026. De set van documenten bevat de herziene thematische standaarden en de vrijwillige rapporteringsstandaard, een interactieve woordenlijst en een lijst van gedefinieerde termen, verwijzingen naar de overeenstemmende paragrafen in de ESRS 2023 (“set 1”), een versie-switch om de evolutie ten opzichte van de door EFRAG aan de Commissie bezorgde vereenvoudigde ESRS te volgen, en wijzigingslogboeken per standaard.
EFRAG benadrukt dat de herziene ESRS en de vrijwillige standaard pas juridisch bindend worden na publicatie in het Publicatieblad van de Europese Unie, en dit volgt na afloop van de toetsingsperiode door het Europees Parlement en de Europese Raad. EFRAG geeft tevens aan dat het binnenkort een geactualiseerde ontwerplijst van datapunten zal publiceren en dat ook de ontwerp-XBRL-taxonomie verder zal worden besproken.
Voor ondernemingen is dit nuttig omdat de interactieve set een praktische basis biedt om de impact van de wijzigingen te analyseren, datapunten te mappen en rapporteringssystemen aan te passen. De set kan ook helpen om het verschil tussen de bestaande ESRS (set 1) en de herziene ESRS beter te begrijpen. Voor bedrijven die vrijwillig rapporteren en die voorheen gebruik maakten van de vrijwillige standaard voor kleine en middelgrote ondernemingen (VSME), of vennootschappen die van plan zijn vrijwillig te rapporteren, is de VS interessant om door te nemen (is grotendeels gebaseerd op de bestaande VSME trouwens). Voor bedrijfsrevisoren is dit relevant als hulpmiddel bij de planning van assurance-opdrachten en bij het beoordelen van managementanalyses over de overgang naar de herziene ESRS. Uiteraard kunnen bedrijfsrevisoren, gezien hun ervaring met rapportering (zowel financieel als op het gebied van duurzaamheid) ook advies geven over de implementatie van zowel de ESRS 2026 als de VS aan ondernemingen.
Alhoewel belangrijke wijzigingen niet meer verwacht worden, en dat ondernemingen zich op basis van de op 3 juli 2026 gepubliceerde tekst kunnen steunen om de nodige voorbereidingen te nemen, willen we benadrukken dat het juridisch bindend karakter er pas is na publicatie in het Publicatieblad van de Europese Unie (zie hoger).
2.1. EU/BE – EmpCo-richtlijn: strengere regels voor duurzaamheidsbeweringen richting consumenten vanaf 27 september 2026
Op 16 juli 2026 is in Nederland de implementatiewet voor de Europese Richtlijn (EU) 2024/825 inzake het versterken van de positie van de consument voor de groene transitie in werking getreden. Dit is echter geen louter Nederlandse ontwikkeling, maar kadert in een bredere Europese verplichting. De zogenaamde Empowering Consumers for the Green Transition Directive, of EmpCo-richtlijn, wijzigt de Richtlijn oneerlijke handelspraktijken en de Richtlijn consumentenrechten. De richtlijn verplicht de lidstaten om consumenten beter te beschermen tegen misleidende duurzaamheidsinformatie en oneerlijke handelspraktijken, onder meer rond milieubeweringen, sociale kenmerken en circulariteitsaspecten zoals duurzaamheid, repareerbaarheid en recycleerbaarheid. De lidstaten dienden de omzettingsmaatregelen uiterlijk op 27 maart 2026 aan te nemen en bekend te maken, en dienen deze vanaf 27 september 2026 toe te passen. Nederland heeft dit omzettingsproces reeds afgerond. Voor België vermeldt de Kamerfiche DOC 56 1552 dat het wetsontwerp tot omzetting van Richtlijn (EU) 2024/825 op 9 juli 2026 door de Kamer werd aangenomen. België dient nu te verzekeren dat de nationale omzettingsregels tijdig worden bekrachtigd, bekendgemaakt, en toegepast kunnen worden vanaf 27 september 2026.
Voor ondernemingen is dit belangrijk omdat duurzaamheidsclaims/beweringen in commerciële communicatie, websites, productinformatie, verpakkingen, labels en reclamecampagnes sterker juridisch onderbouwd dienen te zijn. Voor bedrijfsrevisoren is dit relevant omdat ondanks het feit EmpCo geen rapporteringstandaard is, maar een directieve met als objectief consumentenbescherming (het is van toepassing op communicatie van ondernemingen naar consumenten), kan dit aanleiding geven tot bijkomende aandacht voor de consistentie tussen de CSRD-rapportering (niet het voorwerp van EmpCo) en andere publieke informatie (wel het voorwerp van EmpCo), voor het risico op materieel misleidende toelichtingen en voor de vraag of duurzaamheidsbeweringen voldoende specifiek, evenwichtig en controleerbaar zijn.
EmpCo voorziet in twee situaties waarin verificatie door een derde partij vereist is. Het gaat om enerzijds assurance te verschaffen over toekomstgerichte milieu-informatie, en anderzijds om vrijwillige labels te certificeren. In beide gevallen kan een bedrijfsrevisor tussenkomen, mits naleving van bepaalde vereisten.
Bronnen: Directive - EU - 2024/825 - EN - EUR-Lex | Staatsblad 2026, 204 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
3.1. INT – SBTi consulteert over de geactualiseerde Power Sector Net-Zero Standard
De Science Based Targets initiative (SBTi) heeft op 15 juli 2026 een tweede publieke consultatie geopend over een geactualiseerde ontwerpversie van de Power Sector Net-Zero Standard. De consultatie loopt tot 31 augustus 2026. De ontwerpstandaard is bedoeld voor ondernemingen met activiteiten in de elektriciteitssector. De ontwerpwijzigingen hebben onder meer betrekking op de afstemming met de SBTI Corporate Net-Zero Standard Versie 2.0, de activiteiten en emissies die onder de standaard vallen, de behandeling van transmissie- en distributieverliezen, en de Scope 3-targetsetting. SBTi verduidelijkt dat ondernemingen de sectorspecifieke vereisten dienen toe te passen waar deze de algemene vereisten aanpassen of aanvullen.
Voor ondernemingen in of rond de elektriciteitssector is dit belangrijk omdat de standaard invloed kan hebben op de geloofwaardigheid van klimaatdoelstellingen, investeringsplannen, Scope 1-, Scope 2- en Scope 3-data en beweringen over koolstofarme elektriciteit. Ook ondernemingen buiten de sector kunnen indirect worden geraakt via elektriciteitscontracten, leveranciersgegevens en markt-gebaseerde klimaatbeweringen. Voor bedrijfsrevisoren is dit relevant omdat SBTi-doelstellingen vaak worden opgenomen in duurzaamheidsrapporteringen, transitiedocumentatie en externe communicatie. De consultatie verandert niets aan bestaande assurance-verplichtingen, maar kan wel aangeven welke data en methodologieën in toekomstige rapportering belangrijker zullen worden.
3.2. EU/INT – EFRAG publiceert commentaarbrief op de ISSB-consultatie over SASB-aanpassingen
EFRAG heeft op 27 juli 2026 hun commentaarbrief gepubliceerd op de consultatie van de International Sustainability Standards Board (ISSB) over de voorgestelde aanpassingen aan bepaalde Sustainability Accounting Standards Board (SAB) Standaarden en aan de IFRS S2 Industrie gebaseerde Richtlijnen. De consultatie heeft betrekking op de sectoren vlees, gevogelte en zuivel, en elektriciteitsbedrijven en stroomgeneratoren. EFRAG ondersteunt de verdere verbetering van de SASB Standards, maar vraagt meer consistentie, minder complexiteit en een betere interoperabiliteit met de ESRS en andere internationaal erkende rapporteringskaders.
De commentaarbrief is relevant omdat de SASB Standards, hoewel zij geen onderdeel zijn van de ESRS, in de praktijk belangrijk blijven voor sectorinformatie en interoperabiliteit. Voor ondernemingen is dit vooral relevant wanneer zij naast ESRS ook ISSB-, SASB- of GRI-informatie gebruiken in hun duurzaamheidsrapportering, communicatie naar investeerders toe of interne KPI-sets. Voor bedrijfsrevisoren is het belangrijk om te onderscheiden welke informatie verplicht is onder ESRS, welke informatie vrijwillig of aanvullend wordt opgenomen en of sectorale prestatie-indicatoren consistent en controleerbaar worden toegepast.
Bron: EFRAG Publishes its Comment Letter on the ISSB SASB Enhancement Consultation | EFRAG
3.3. INT – Earth Overshoot Day 30 juli 2026
Op 30 juli 2026 viel Earth Overshoot Day. Dat is de datum waarop de mensheid volgens Global Footprint Network en York University de hoeveelheid ecologische hulpbronnen en ecosysteemdiensten heeft verbruikt die de aarde in één jaar kan regenereren. Vanaf die datum leeft de wereld dus “op krediet” ten aanzien van natuurlijk kapitaal. Volgens Global Footprint Network gebruikt de mensheid momenteel natuurlijke hulpbronnen ongeveer 73% sneller dan de ecosystemen van de aarde kunnen herstellen, wat overeenkomt met een verbruik van ongeveer 1,73 aardes.
De Belgische Country Overshoot Day voor 2026 viel op 11 april 2026. Dat betekent dat Earth Overshoot Day op 11 april zou vallen indien de volledige wereldbevolking zou leven zoals de gemiddelde Belgische bevolking. In het Country Overshoot Day-overzicht van vorig jaar viel de Belgische datum nog op 27 maart 2025. De latere datum in 2026 mag voorzichtig worden geïnterpreteerd, omdat de berekeningen gebaseerd zijn op de meest recente National Footprint and Biocapacity Accounts en omdat updates in data en methodologie een impact kunnen hebben op de datum. De boodschap blijft evenwel dat het Belgische consumptie- en productiepatroon, bekeken vanuit het globale biocapaciteitsbudget, nog steeds ruim boven een duurzaam niveau ligt.
Bron: Press Release June 2026 English - Announcing Earth Overshoot Day 2026 - Earth Overshoot Day