2 maart 2015

De wet van 27 mei 2013 tot wijziging van verschillende wetgevingen inzake de continuïteit van de ondernemingen integreert een alarmbelprocedure (geïnspireerd op artikel 138 van het Wetboek van vennootschappen) in artikel 10, vijfde lid van de wet van  31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen. De wet van 31 januari 2009 heft artikel 138 van het Wetboek van vennootschappen niet op. Artikel 138 van het Wetboek van vennootschappen heeft specifiek betrekking op de bedrijfsrevisor in zijn hoedanigheid van commissaris, terwijl artikel 10 van de wet van 31 januari 2009 de bedrijfsrevisoren beoogt “in de uitoefening van hun opdracht”, hetzij een wettelijke (bijvoorbeeld als commissaris) dan wel een contractuele. Op advies van de Juridische Commissie is de Raad van het IBR van oordeel dat de commissaris gehouden is door de verplichtingen bedoeld zowel in artikel 138 van het Wetboek van vennootschappen als in artikel 10 van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen, waarbij laatstgenoemde op bepaalde aspecten stringente verplichtingen bevat.

Gerelateerd

Mededeling 2021/16: Vragen van bewijs dat BV in staat zal zijn om haar schulden te voldoen gedurende minstens 12 maanden

Advies 2020/05: Procedure die verplicht om maatregelen te nemen in geval van gewichtige en overeenstemmende feiten die de continuïteit in het gedrang kunnen brengen

Advies 2019/06: Niet-automatische toepassing van art. 138 W. Venn. ingeval van daling van het netto-actief tot minder dan de helft van het kapitaal